Gallery

Fokke Meima (66) uit Deventer is gepensioneerd huisarts en speelt al sinds zijn jeugd hobo.

"Als je samen met een vrij kleine groep muziek maakt, vorm je een eenheid die verder gaat dan individuen. Het is heel fijn om daar onderdeel van te zijn."

Redactie Oosten

Fokke Meima wist vanaf zijn zesde al twee dingen heel zeker. Hij wilde dokter worden en hij wilde hobo spelen. Dokter omdat hij in zijn ouderlijk gezin hun huisarts aan het werk zag: “Een inspirerende man die een mooi vak uitoefende waar je ook nog eens mensen mee helpt! De hobo omdat hij het als kind in de Vredeskerk in Rotterdam-Zuid, nu een Servisch-Orthodoxe kerk, had gehoord en het ongelofelijk mooi vond klinken.

Toen het eenmaal zover was en hij zijn studie moest kiezen, deed hij dit op een weloverwogen wijze: “Ik dacht, als ik twee interesses heb, kan ik wel dokter worden en als hobby muziek maken, maar omgekeerd kan dat niet.” Hij begon met zijn studie geneeskunde aan de Erasmusuniversiteit. Daarnaast ging hij werken om de kosten voor zijn andere passie te kunnen betalen. Sindsdien zijn ze onafscheidelijk. Naast de reguliere, Franse hobo, speelt hij ook de Weense hobo en de althobo. 

“Muziek maken is altijd een geweldige uitlaatklep. Als je samen met een vrij kleine groep van vijf mensen muziek maakt, kun je heel veel ervaren aan non-verbale communicatie. Je voelt elkaar aan en ziet aan iemands bewegingen wanneer die precies gaat beginnen met zijn tonen. Er gebeurt van alles in non-verbale communicatie. Dat is heerlijk om te doen. Je vormt een eenheid die verder gaat dan individuen en dat is heel fijn om onderdeel van zijn. Dat is een fijne ervaring en geeft ontspanning en energie. Als je een baan hebt waarbij je nogal eens gaat na piekeren en dat dingen nog wel eens doorgaan in je hoofd, dan is een beetje muziek maken heel goed.”

Anderhalf jaar geleden zijn Fokke en zijn vrouw Elsbeth gestopt met hun huisartsenpraktijk in Bathmen. Naast andere dingen willen ze meer ontdekken in muziek: “We moeten onze smaak eens wat diverser maken. Er is meer dan klassieke muziek. Ik ben van plan om dit jaar meer naar niet-westerse muziek te gaan luisteren en concerten te bezoeken. Ik heb altijd interesse gehad in andere muziekstijlen. Het valt mij op dat in Japan of China veel fantastisch goede orkesten zijn die westerse muziek prachtig spelen. Kennelijk lukt het hen om een brug te slaan tussen hele verschillende culturen. Toen dacht ik waarom zijn wij zo beperkt in onze culturele voorkeur. Eigenlijk onzin. Er is zoveel mooie muziek overal op de wereld.

Laatst heb ik de duduk, een Armeens instrument ontdekt. In Azië zijn er instrumenten waar we nog nooit van hebben gehoord. Ik ben er misschien een beetje te laat mee begonnen. Maar een mens is nooit te oud om te leren. Mijn tip is begin zo vroeg mogelijk met leren, maar denk nooit dat het te laat is.”

Tips van Fokke:
● Mattheus Passie in de Bergkerk.
● Kamermuziekensemble Valerius, onderdeel van het Nederlands Symfonie orkest

Chat met Janneke
Chat met Janneke